Geregistreerd partnerschap nietig bij ontbreken goede trouw

Geheugenverlies en dementie tijdens het aangaan van een huwelijk of geregistreerd partnerschap vormen in veel gevallen een bron voor onenigheid. Rechtbanken hebben er veel ervaring mee. Uit deskundigenverslagen blijkt dat het onder meer kan beginnen bij cognitieve stoornissen, later gevolgd door de diagnose “selectief geheugenverlies” en eindigend in dementie. Als in deze periode een geregistreerd partnerschap is aangegaan, dan zijn de vraagtekens verklaarbaar.


Bij de beoordeling of er bij de partner sprake is van goede trouw is het tijdstip van het aangaan van het geregistreerd partnerschap beslissend. Goede trouw mag worden aangenomen, kwade trouw vraagt bewijs van de tegenpartij. Van belang kan zijn of de aangeklaagde partij aan derden kenbaar heeft gemaakt dat de beoogde partner geheugenproblemen had. Van belang kan ook zijn of er contact geweest is met deskundigen ter voorbereiding op een mogelijk geregistreerd partnerschap of huwelijk.

Een huwelijk in combinatie met de verslechterende toestand van de patiënt zou betekenen dat er een zware belasting als mantelzorger uit voort zou vloeien. Wanneer om die reden gekozen wordt voor een geregistreerd partnerschap, dan acht de rechter bewezen dat de vragende partner zich bewust was – of had moeten zijn – van de problemen in de geestestoestand en de omstandigheid dat de problematiek zou toenemen.

Het is van belang dat uit deskundigenrapporten blijkt dat ten tijde van het geregistreerd partnerschap de patiënt aan een vergevorderde vorm van dementie (een vorm van alzheimer) leed. Met als uitvloeisel dat hij of zij daarom niet in staat was zijn of haar wil te bepalen of de betekenis van afgelegde verklaringen te begrijpen.

Een geregistreerd partnerschap is onder die omstandigheden nietig. Blijft nog de vraag van de goede trouw. Bijvoorbeeld in de omstandigheid – die in de praktijk is voorgekomen – dat het geregistreerd partnerschap is aangegaan zonder dat de directe familieleden van de dementerende partner daarvan op de hoogte zijn gesteld.

Als de gezonde partner dan ook nog beweert voor de dementerende partner te willen zorgen, terwijl die bewering innerlijk tegenstrijdig is met het kort na het aangaan van het geregistreerd partnerschap gedane verzoek tot ontbinding van het geregistreerd partnerschap in combinatie met beslaglegging op de goederen van de gemeenschap, dan is de conclusie van de rechter snel getrokken dat er geen sprake is van goede trouw.

Wilt u meer weten over de relatie tussen dementie en huwelijk of geregistreerd partnerschap? Bel ons of klik op de link onder dit artikel en wij nemen zo spoedig mogelijk contact met u op.