Financieringsaftrek en schenkingsvrijstelling bij woning in aanbouw

Bij de aftrek van financieringskosten van een in huis in aanbouw of bij toepassing van de tijdelijk schenkingsvrijstelling van € 100.000 kunt u tegen bezwaren van de fiscus oplopen. Of u al dan niet voor aftrek en vrijstelling in aanmerking komt, hangt af van de vraag vanaf welk moment sprake is van een woning in aanbouw.


Er zijn in principe drie momenten die in aanmerking komen om in juridische zin het startpunt te markeren voor een woning in aanbouw:

  1. het moment waarop u de grond in eigendom krijgt waarop u van plan bent te gaan bouwen;
  2. het moment waarop de grond bouwrijp is gemaakt en u de omgevingsvergunning binnen hebt;
  3. het moment waarop de bouw van start gaat, bijvoorbeeld door te gaan heien of het leggen van een fundering.

Voor de Advocaat-Generaal van de Hoge Raad is er pas sprake van een woning in aanbouw als het heien of het funderingswerk is gestart. Als u een onbewoonbaar verklaarde woning zou kopen met de bedoeling deze te herstellen, dan is dat startmoment al gepasseerd en daarmee ook sprake van een woning in aanbouw. Als echter wel een begin is gemaakt met herstelwerk, maar die niet worden voortgezet, dan gaat dat niet op.

Volgens de Advocaat-Generaal geldt dit niet bij een slooppand. Als u een slooppand zou kopen met de bedoeling op die plek een nieuw huis te bouwen, is er pas sprake van een woning in aanbouw als u het pand heeft gesloopt en de grond heeft geëgaliseerd, waarna u kunt starten met de bouw (heien of funderen). Als u de bestaande fundering gebruikt is de woning vanaf dat moment “in aanbouw”. Gaat u een nieuwe fundering leggen, dan komt dat moment pas als u begint met leggen van de nieuwe fundering.

Wilt u meer weten over de regels op basis waarvan u in aanmerking komt voor financieringsaftrek of tijdelijke verhoogde schenkingsvrijstelling? Bel ons voor het maken van een afspraak.