Eerste huis voor samenwoners vol drempels

Als je gaat samenwonen of al samenwoont heb je veel minder mogelijkheden om op wettelijke rechten terug te vallen dan wanneer je getrouwd bent. Je kunt veel van die rechten wel krijgen, maar dan moet je ze wel zelf regelen. Nu de economie weer aantrekt, trekt ook de huizenverkoop aan “starters” weer aan. Als samenwoner koop je een huis vol met juridische drempels. Hoe ze te slechten ….


Met het eerste voorzichtige economisch herstel komt ook de woningmarkt in Nederland weer langzaam op gang. Het zijn vooral de woningen in het zogenaamde startersegment die nu van eigenaar wisselen. Dit zijn woningen in de prijsklasse tot circa 200.000,- voor nieuwkomers op de woningmarkt. Starters op de woningmarkt hebben niet de zorg dat er eerst een woning verkocht moet worden.

Zelf actie ondernemen

Alleen is maar alleen en op een enkel salaris is het tegenwoordig lastig om bij de bank voldoende te kunnen lenen om het droomhuisje te betalen. Met een dubbel salaris wordt het al een stuk eenvoudiger om bij de bank een passende offerte te verkrijgen. Zeker als de hypotheek binnen de normen van de NHG (Nationale Hypotheek Garantie) valt en het een courante woning betreft zullen de banken bereid zijn een financiering te verstrekken.

En dan. Het voorlopige koopcontract is getekend, de hypotheekofferte is door de bank geaccepteerd en het plan is: samenwonen. Voor getrouwde stellen is in de wet veel geregeld, samenwoners komen in het wetboek nauwelijks aan bod. Hier moet dus zelf actie worden ondernomen om financiële rampen te voorkomen. In grote lijnen moet er voor twee situaties iets geregeld worden, het verbreken van de relatie en het overlijden van een van de partners. Uiteraard gaan we er niet van uit dat dit zich voordoet echter je sluit ook een brandverzekering voor de woning in de verwachting deze nooit nodig te hebben.

Ons advies is om direct na het tekenen van de voorlopige koopakte en het rondkomen van de financiering een afspraak met ons te maken. We inventariseren dan samen jullie situatie en adviseren je welke documenten er opgesteld moeten worden. De minimale regeling bestaat uit een goed samenwooncontract waarin onder andere wordt beschreven hoe de gezamenlijke kosten worden gedeeld, hoe te handelen bij uit elkaar gaan en minstens zo belangrijk het “verblijvingsbeding”. Dit is een regeling waardoor bij overlijden van een van de partners de eigen woning met inboedel en gezamenlijke bankrekeningen in eigendom over gaan naar de achterblijvende partner.

Het verliezen van een partner is natuurlijk een drama, een goed samenwooncontract kan echter financiële problemen voorkomen. De gezamenlijke bezittingen gaan in de regel belastingvrij over op de langstlevende partner die op basis van het samenwooncontract doorgaans aanspraak kan maken op een partnerpensioen.

Zonder samenwooncontract gaan alle bezittingen van de overleden partner (waaronder de helft van de woning) naar zijn/haar wettelijke erfgenamen, doorgaans ouders, broers/zusters. Aangezien de erfgenamen erfbelasting moeten betalen zullen ze uitgekocht moeten worden door de langstlevende partner. Als dit financieel niet haalbaar is zal de woning verkocht moeten worden. Kortom een bijzonder vervelende situatie die eenvoudig voorkomen had kunnen worden, vandaar het belang van een goed samenwooncontract.

Wil je het helemaal goed voor elkaar regelen, maak dan naast een samenwooncontract ook ieder een partnertestament. Hierin wordt beschreven dat na overlijden van een van beiden ook de privébezittingen eigendom worden van de langstlevende partner. Meestal zal ook in dit geval de overblijvende partner geen erfbelasting verschuldigd worden en kan deze in de woning blijven. Bij de meeste hypotheken wordt een overlijdensrisicoverzekering gesloten waaruit de hypotheek geheel of gedeeltelijk wordt afgelost bij overlijden. Met een goed samenwooncontract hoeft er ook geen belasting over de verzekeringsuitkering betaald te worden.

Kortom samen wonen prima maar niet zomaar. Maak een afspraak met ons kantoor voor een solide regeling waarvan de kosten in het niet vallen bij het financiële leed dat kan ontstaan bij samenwonen zonder contract en/of testamenten.