Beperk aansprakelijkheid bestuurders van verenigingen en stichtingen

Veel bestuursleden van verenigingen en stichtingen blijken vaak niet te weten aan welke aansprakelijkheidsrisico's zij bloot staan. Wat zijn de belangrijke aandachtspunten voor u als bestuurslid? Hoe verkleint u de kans om aansprakelijk gesteld te worden?


Stichtingen hebben altijd – en verenigingen meestal – rechtspersoonlijkheid. In die gevallen zijn er statuten beschikbaar die in een notariële akte zijn vastgelegd. Als een vereniging niet bij de notaris is opgericht – en dus geen in een notariële akte vastgelegde statuten heeft – heeft deze geen rechtspersoonlijkheid. In dat geval zijn bestuursleden van de vereniging persoonlijk aansprakelijk voor schulden van de vereniging.

  • Zorg er voor dat het bestuur de bepalingen die in de statuten zijn vastgelegd, ook nauwkeurig in acht neemt. Als besluiten niet volgens de regels van de statuten zijn genomen, dan kunt u daar persoonlijk op worden aangesproken.
  • Elk bestuur heeft op z'n minst een bestuurslid met financiële kennis nodig. Immers, de administratie moet in orde zijn. Uit de boekhouding moet de vermogenspositie klip en klaar blijken.

  • Het financiële jaarverslag moet op tijd, volgens de regels van de statuten, worden vastgesteld. Verenigingen en stichtingen hebben niet de verplichting om de (verkorte)jaarrekening bij het handelsregister te deponeren. NV's en BV's hebben dat wel.

  • Ook is het van belang dat overeenkomsten en afspraken met debiteuren en crediteuren netjes op papier staan, zodat altijd duidelijk is wat er gevorderd kan worden en welke betalingsverplichtingen de vereniging of stichting heeft. Controleer ook of de partijen waarmee u afspraken maakt kredietwaardig zijn. Dat is van belang voor de vorderingen die u hebt, maar ook voor vooruitbetalingen op materiaal dat pas in de toekomst geleverd gaat worden.
  • Controleer welke verplichtingen er zijn op het gebied van belasting, sociale verzekeringen en pensioenen. Kan de vereniging of stichting aan haar verplichtingen voldoen? Per wanneer moeten deze betalingen worden gedaan? Kan dat niet tijdig, meldt dat dan vooraf bij de betreffende instantie.
  • Zorg voor regelmatig overleg met het gehele bestuur. Zo kunt u tijdig risico's onderkennen en ondervangen. Notuleer de gemaakte afspraken nauwgezet.

Altijd doen

  • Zorg er voor dat de algemene vergadering u bij vaststelling van de jaarrekening dan wel bij uw vertrek als bestuurslid decharge (=kwijting) verleent over het door u gevoerde bestuur. Daarna bent u niet meer aansprakelijk voor dat beleid. En vraag een vrijwaring van de vereniging of stichting voor vermogensschade die u mogelijk zou kunnen lijden als gevolg van een claim tegen u als bestuurder.
  • Het verdient de voorkeur dat de vrijwaring in de statuten wordt geregeld, zodat de vereniging of stichting niet met iedere bestuurder afzonderlijk afspraken hoeft te maken.
  • Zorg dat de vereniging of stichting een bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering afsluit. Zo'n verzekering biedt dekking tegen claims die tegen bestuurders worden ingediend.

Klik op de link onder het kopje “Meer informatie” en wij nemen zo spoedig mogelijk contact met u op.